Intravitreale injectie

Hierbij wordt een kleine hoeveelheid geneesmiddel in het oog ingespoten onder plaatselijke verdoving. De geneesmiddelen die gebruikt worden in het oog zijn ranibizumab, aflibercept, bevacizumab of triamcinolone.

Deze injecties worden uitgevoerd bij zwelling van het centrale gedeelte van het netvlies (maculair oedeem) of bij groei van nieuwe bloedvaatjes op het netvlies. De medicatie werkt tijdelijk en moet daarom regelmatig opnieuw toegediend worden.

Ranibizumab en aflibercept zijn ontwikkeld specifiek voor gebruik in het oog en gebonden aan strikte terugbetalingsregels. Bevacizumab is op de markt als chemotherapie en wordt wereldwijd off-label in het oog gebruikt. Dit betekent dat de producent zelf geen onderzoek heeft gedaan naar de werking van bevacizumab in het oog en het product niet heeft laten registreren voor gebruik in het oog. Oogartsen baseren zich op uitgebreid internationaal wetenschappelijk onderzoek en jarenlange ervaring om Bevacizumab toch in het oog te gebruiken.

Triamcinolone is op de markt voor operatief gebruik, maar wordt, net zoals bevacizumab, door oogartsen ook off-label gebruikt voor intravitreale injecties.

Bevacizumab en triamcinolone worden niet terugbetaald door het ziekenfonds.

Vooraf

U mag de dag van de injectie geen make-up gebruiken rond het oog. Bij een ontsteking aan het oog moet u de oogarts verwittigen en kan de injectie worden uitgesteld.

Verloop van de injectie

Intravitreale injecties worden uitgevoerd onder lokale verdoving, door middel van druppels die worden toegediend net voor de ingreep. Het oog en de huid rond het oog worden ontsmet en vervolgens wordt een steriel doekje over het oog gelegd. Een veertje wordt in het oog geplaatst zodat u het oog niet kan dichtknijpen. Vervolgens wordt de medicatie geïnjecteerd, normaal gezien voelt u geen pijn.

Na de behandeling

Na de injectie mag u onmiddellijk naar huis. U mag niet zwemmen of iets doen waarbij er stof of vuil in het oog komt de dag van de behandeling en de dag nadien. Meestal zal u weinig last ondervinden van de injectie. Het is mogelijk dat het zicht na de injectie enkele uren licht verminderd is. Daarom is het niet veilig om zelf een voertuig te besturen. Het oog kan wat geïrriteerd aanvoelen en wat rood zijn. In dat geval mag u kunsttranen druppelen zo vaak als nodig. We adviseren hierbij kunsttranen in monodoses en geen flesje dat al langer open is. Er kan een kleine bloeding zijn in het wit van het oog. Dit is niet schadelijk en verdwijnt na enkele weken.

U neemt best contact op als het oog rood wordt (roder dan kort na de injectie) en pijnlijk wordt en/of het zicht vermindert.

Mogelijke complicaties

Intravitreale injecties worden zeer frequent uitgevoerd en gelukkig zijn complicaties zeer zeldzaam. De belangrijkste complicatie is een bacteriële infectie van het oog. In dat geval is het oog rood (roder dan kort na de injectie), pijnlijk en vermindert het zicht. Andere mogelijke bijwerkingen zijn ontsteking, netvliesloslating, glasvochtloslating, bloedingen in het oog, verhoogde oogdruk, pijn aan het oog, allergische reactie, beschadiging van het hoornvlies en cataract. Door een complicatie kan het zicht verminderen en kan het oog zeer zeldzaam blind worden